 |
 |
 |
 |
Adresgegevens |
 |
 |
 |
 |
 |
Stichting Natuur Buiten-Gewoon
Postbus 50
8260 AB Kampen
Telefoon:
038 - 3337799
038 - 4220912
Fax: 038 - 3337864
Bank- Gironummers:
NL: Postbank 3195850
BE: Triodosbank 523-0410325-90
|
 |
 |
 |
 |
|
| De thema's van groep 8 |
 |
Auteur: Natuur Buiten-Gewoon
Gepubliceerd: 1 september 2005
Laatste wijziging: 22 april 2006
|
|

Groep 8 heeft 10 thema's:
| les 1 alles op z'n tijd |
Planten, dieren en mensen hebben allemaal een bioritme.
Vrijwel alles gebeurt binnen vaste tijdspatronen. Bij de Waddenzee volgt de natuur
een heel ander ritme, namelijk dat van eb en vloed. |
| les 2 het jaar rond |
We onderscheiden naast het dagritme ook een jaarritme.
De jaargetijden worden bepaald door de beweging van de aarde en de zon. De wisseling
der seizoenen is belangrijk voor het leven van plant en dier. Veel dieren brengen
de winter slapend door. De afwisseling in jaargetijden is terug te vinden in de
jaarringen van vissen en bomen. |
| les 3 op reis |
In het najaar gaan veel dieren
op reis. Over de vogeltrek weten we al veel door ringonderzoek. We verdelen de vogels
dan ook in verschillende groepen, bijvoorbeeld wintergasten. Trekkende dieren staan
onderweg bloot aan allerlei gevaren. |
| kerndoelen: |
30, 31, 33, 35 |
| les 1 natuur in de knel |
Deze les legt een oorzakelijk verband tussen de groei
van de wereldbevolking, het verkwistende gedrag van mensen en de achteruitgang van
de natuur. De effecten van het kappen van oerwouden, de overbevissing van de wereldzeeën,
de mestproblematiek en het gebruik van gifstoffen komen aan de orde. Ook wordt een
relatie gelegd met de 'derde wereld'. |
| les 2 op de bres |
Jac. P. Thijsse was wellicht grondlegger van de natuurbescherming
in Nederland. Uitgaande van deze persoonlijkheid volgt les 2 de ontwikkelingen in de
natuurbescherming in ons land en middels Greenpeace ook daarbuiten. Hoe zijn
natuurbeschermingsorganisaties ontstaan en waarmee houden zij zich vooral bezig? |
| les 3 wegen door de natuur |
Steeds vaker worden wegen gezocht, die natuurgebieden
onderling met elkaar moeten verbinden. De ontwikkeling van de Oostvaardersplassen
heeft aangetoond dat de natuur snel inspeelt op geboden kansen. Door het werk van
de Vlinderstichting ontstonden al veel 'eilandjes', waarlangs vlinders trekken.
Een idee voor de schooltuin? |
| kerndoelen: |
21, 30, 31 |
| les 1 in weer en wind |
'Wind' speelt een belangrijke rol in het leven van planten,
dieren en mensen. Er bestaan allerlei aanpassingen om wind te weren, maar ook om wind te
gebruiken. Wind is verplaatsing van lucht. Dat kan horizontaal, maar ook verticaal (thermiek). |
| les 2 kijk niet zo zuur |
De media hebben het er regelmatig over. Wetenschappers
doen er onderzoek naar. Het hoe en waarom van zure regen en de gevolgen is nog steeds
niet helemaal duidelijk. 'Zure regen' is een begrip. Deze les geeft dat zo eenvoudig mogelijk inhoud. |
| les 3 een luchtje scheppen |
Veel gezondheidsproblemen hebben te maken met 'lucht'.
Jarenlang werd aandacht besteed aan de gevolgen van roken. Zodra die aandacht
verslapt, neemt het rookgedrag toe. |
| kerndoelen: |
21, 22, 29, 31, 33 |
| les 1 na gedane arbeid |
Mens en dier halen energie uit door groene planten geproduceerd voedsel.
Bladgroenkorrels kunnen worden gezien als 'voedselfabriekjes', die zonlicht omzetten in het product glucose.
Als afval komt daarbij zuurstof vrij. Tropische oerwouden en oceanen zijn de groene longen van onze aarde.
Planten wedijveren om zonlicht. |
| les 2 hoe langer hoe kleiner |
Wat gebeurt er eigenlijk in het menselijk lichaam met
het voedsel? Hoe zit de spijsvertering in elkaar? Deze les gaat daarover. Ook is
er aandacht voor de restverwerking. |
| les 3 daar zit een luchtje aan |
In de natuur spelen poep en urine een belangrijke rol.
Het afval van de ??n is een levensvoorwaarde voor de ander. Dieren leggen eitjes
in poep. Een andere manier om afvalstoffen uit te scheiden is zweten. Planteneters
produceren meer afval dan vleeseters. |
| kerndoelen: |
29, 30, 31, 32 |
| les 1 op weg |
De les begint met middelen van vervoer voor mensen en goederen.
Ook in de natuur is er vervoer: planten(zaden) verspreiden zich en dieren reizen om voldoende
voedsel te vinden. Dan komt vervoer in ons lichaam aan de orde: zuurstof (ademhaling) en
voedsel (spijsvertering). |
| les 2 met kloppend hart |
Deze les gaat over het vervoer van bloed en over
de samenstelling en de functie van het bloed. Ook bloedtransfusie komt ter sprake:
bloeddonors zijn 'hartstikke' belangrijk! |
| les 3 schok! |
Elektriciteit is heel 'natuurlijk'. We kijken eerst
naar sidderalen en het gevaar van onweer. Wat doen mensen om blikseminslag te
voorkomen en wat moet je doen bij onweer in het open veld? Batterijen zijn
'pakjes elektriciteit'. Elektriciteit kun je voelen, maar pas op! Er is 'transport'
van elektriciteit in ons lichaam: van de zintuigen via de zenuwen naar de hersenen. |
| kerndoelen: |
19, 20, 23, 29, 31, 33 |
| les 1 ziek zijn |
Bacteriën en virussen zijn ziekmakers. Zij spelen een hoofdrol bij
infecties en epidemieën. Het menselijk lichaam maakt antistoffen. De natuurlijke
afweer wordt soms geholpen met 'een prik' van de dokter. We moeten goed letten op
houdbaarheidsdata van voedingsmiddelen. Dat helpt voedselvergiftiging voorkomen.
Stoffen in de lucht zijn verantwoordelijk voor hooikoorts en andere allergieën. |
| les 2 lekker in je vel |
De huid is een belangrijke 'verpakking' voor mens,
dier en plant. De kinderen ontdekken, stapje voor stapje, hoe hun huid is opgebouwd.
Wat gebeurt er als de huid wordt beschadigd? Kans op infectie!
Het herstel begint met een korstje. |
| les 3 niet voor een gat gevangen |
Er zijn ook andere manieren van bescherming en afweer.
Hoe kunnen planten en dieren voorkomen dat ze worden opgegeten? Schutkleuren spelen
een belangrijke rol. Soms helpt imponeren: je trekt een pakje aan waardoor je groter
lijkt of waardoor je lijkt op een ander, gevaarlijker dier. Ook zijn er manieren om
je belager in verwarring te brengen. Planten zijn voorzien van stekels of brandharen,
of ze smaken onaangenaam. |
| kerndoelen: |
29, 30, 31, 32 |
| les 1 verliefd |
De eerste les van dit thema gaat over de lichamelijke
veranderingen die jongens en meisjes ondergaan als ze volwassen worden. De bijbehorende
puberteit wordt hierbij als inleiding gebruikt. Vervolgens worden de mannelijke en
vrouwelijke geslachtsdelen en hun functie uitgelegd. |
| les 2 hoera, een baby! |
Wat gaat vooraf aan geslachtsgemeenschap? Wat gebeurt
er tijdens geslachtsgemeenschap en hoe verloopt een zwangerschap? Hieraan besteedt
deze les aandacht. Ook wordt er ingegaan op erfelijke aspecten. |
| les 3 mij een zorg |
De afsluitende les van dit thema besteedt aandacht
aan onderwerpen als ongesteld zijn, lichaamsverzorging, besnijdenis, zelfbevrediging,
voorbehoedmiddelen, geslachtsziekten, seksuele mishandeling en de Kindertelefoon. |
| kerndoelen: |
23, 29, 32 |
| les 1 zeg het met ... |
De eerste les gaat over de uiterlijke verschillen van planten.
Overeenkomstige eigenschappen liggen ten grondslag aan de systematiek in een flora.
Zo'n plantenboek wordt gebruikt om de naam van een plant op te zoeken. Mensen zijn
voortdurend bezig met het veredelen van cultuurgewassen. Op speelse wijze wordt
aandacht besteed aan erfelijkheid. |
| les 2 huid en haar |
Ook het uiterlijk van dieren is heel verschillend.
Op het eerste gezicht lijken de dieren van ??n soort identiek. Toch zijn ze dat niet. |
| les 3 kijk naar jezelf |
De derde les begint met
een werkblad. De kinderen 'beschrijven' zichzelf aan de hand van een tiental eenvoudige vragen.
Vervolgens vergelijken ze hun 'beschrijving' met die van klasgenoten. Geconstateerd wordt dat
iedereen anders is. Verschillen in uiterlijk en cultuur mogen nooit reden zijn voor discriminatie en racisme. |
| kerndoelen: |
29, 30, 32 |
| les 1 groeten uit... |
De leerlingen maken kennis met de grote verscheidenheid
aan landschappen die ons land rijk is. In vogelvlucht worden de effecten behandeld
van de ijstijden en van de invloeden van de mens hierna. De plantenwereld in elk
landschap is afhankelijk van de omstandigheden die samen het milieu bepalen, zoals
grondsoorten, het al dan niet beschikbare water en de hoeveelheid zonlicht. Elk
landschap heeft zijn eigen flora en dus ook fauna. |
| les 2 opnieuw beginnen |
Elk landschap is voortdurend in ontwikkeling. Door allerlei oorzaken
moet 'de natuur' steeds opnieuw beginnen. Men geeft stukken cultuurgrond terug in het kader van
natuurontwikkeling. De plantenwereld verandert. Als men de natuur zijn gang laat gaan,
ontstaat bijna overal bos. Dieren en mensen vertragen dit proces of houden het zelfs tegen. |
| les 3 rivierenland |
Nederland is een land
van grote rivieren. Les drie wordt in zijn geheel hier aan gewijd. Hoe is het rivierenlandschap
ontstaan en welke invloeden hebben mensen erop gehad? Bij elk landschap hoort een 'eigen'
flora en fauna. Welke planten en dieren horen bij het rivierenlandschap? |
| kerndoelen: |
21, 29, 30, 31 |
| les 1 op schoolkamp |
De eerste les besteedt aandacht aan het gebruik van batterijen. |
| les 2 stroomkringen |
Met behulp van batterijen wordt geconstateerd dat een stroomkring
nodig is om apparaten te laten werken. De kinderen maken kennis met de begrippen serieschakeling,
parallelschakeling, geleider en isolator. |
| les 3 elektriciteit is overal |
Bij elektriciteit hoort stroomverbruik. Deze les besteedt
aandacht aan het verbruik thuis en op school. Ook wordt het verbruik op verschillende
momenten met elkaar vergeleken. De inhoud van de meterkast komt ter sprake. |
| les 4 een sterke magneet |
Er bestaat een nauwe relatie
tussen elektriciteit en magnetisme. De elektromagneet is een combinatie daarvan. |
| kerndoelen: |
19, 20 |
|
|