 |
 |
 |
 |
Adresgegevens |
 |
 |
 |
 |
 |
Stichting Natuur Buiten-Gewoon
Postbus 50
8260 AB Kampen
Telefoon:
038 - 3337799
038 - 4220912
Fax: 038 - 3337864
Bank- Gironummers:
NL: Postbank 3195850
BE: Triodosbank 523-0410325-90
|
 |
 |
 |
 |
|
| De thema's van groep 5 |
 |
Auteur: Natuur Buiten-Gewoon
Gepubliceerd: 1 september 2005
Laatste wijziging: 22 april 2006
|
|

Groep 5 heeft 9 thema's:
| les 1 knuffels |
De eerste les gaat over huisdieren. Populaire huisdieren
hebben een hoge aaibaarheidsfactor. Welke dieren zijn geschikt om te knuffelen? Hoe
moet je ze verzorgen? Ontsnapte huisdieren redden het meestal niet in de natuur.
Waarom niet? Er zijn ook 'huisdieren' die niet geschikt zijn om in huis gehouden te worden. |
| les 2 de kinderboerderij |
Deze les nodigt sterk uit de daad bij het woord te voegen.
Ga eens kijken met uw groep! Bij het ontbreken van zo'n voorziening kan een park of een
hertenkamp een goede vervanger zijn. Het beste natuuronderwijs vindt buiten plaats!
Welke dieren wonen op een kinderboerderij? En hoe worden ze verzorgd? Verder in deze
les een korte terugblik in de tijd: de ontwikkeling van wild dier naar huisdier.
Een kinderboerderij trekt altijd veel (on)gewenste gasten. Welke en waarom komen ze hier? |
| les 3 onder de pannen |
Veel dieren leven in de buurt van mensen.
De derde les behandelt een aantal van deze 'buurtbewoners'. Sommige mogen we wel als huisdier
beschouwen: ze leven letterlijk in huis. Ook onze tuinen zijn kleine 'dierentuinen' voor wie er op let.
Sommige dieren leefden vroeger ver van de menselijke bebouwing. Nu zijn ze gedomesticeerd. |
| kerndoelen: |
21, 22, 30, 31 |
| les 1 een dorre boel |
De natuur maakt 'afval': dorre takken en bladeren.
Voordat de bladeren verdorren krijgen ze eerst prachtige herfstkleuren.
Op de grond vormen de bladeren en takken een bron van voedsel voor schimmels en bodemdieren.
Natuurlijk afval is onderdeel van de kringloop. |
| les 2 rommel is rommel |
Er is nog ander natuurlijk afval: dieren poepen;
planten en dieren gaan dood. Ook voor dit 'afval' heeft de natuur zijn speciale
opruimers. Maar er is ook afval waar de opruimers geen raad mee weten. |
| les 3 mensen maken rommel |
Wanneer is rommel afval? Hoe kunnen we 'afval' opnieuw
gebruiken? Gooien we alles zomaar weg dan krijgen we te maken met zwerfvuil.
Zwerfvuil staat niet alleen slordig, het kan ook gevaarlijk zijn. |
| kerndoelen: |
21, 22, 31, 33 |
| les 1 stilstaan bij bewegen |
Kinderen zijn een en al beweging. Stilzitten is er
nauwelijks bij. We kunnen bewegen omdat we over spieren beschikken. Maar hoe werkt
dat eigenlijk? Kortom: een les waarbij veel is te doen. |
| les 2 op rolletjes? |
In de natuur loop je met je wielen al gauw vast.
Daarom zijn pootjes handiger. De vraag is niet alleen 'hoe kom je vooruit?',
maar ook 'waarom beweeg je eigenlijk?'. |
| kerndoelen: |
19, 20, 21, 29, 30, 31 |
| les 1 komt er ijs? |
In de eerste les gaat het over water en ijs.
Wanneer wordt water ijs en omgekeerd? We meten de temperatuur met een thermometer.
Bij 0 graden is het vriespunt. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen vloeistoffen
en vaste stoffen. In de les is plaats ingeruimd voor proefjes met ijsblokjes. |
| les 2 onzichtbaar water |
Water verdampt. Deze les gaat over verdampen en condenseren.
Over 'gas' wordt niet gesproken, wel over waterdamp. Dat sluit beter aan bij het niveau
van de kinderen in groep 5. De les wordt afgesloten met de kringloop van het water. |
| les 3 luchtjes |
Vast, vloeibaar en gas komen ook voor bij andere stoffen.
Telkens bepaalt de temperatuur in welke vorm een stof verkeert. Niet bij elke stof
zijn die temperaturen hetzelfde. Eau de cologne verdampt snel, terwijl voor ijzer veel
hitte nodig is om het vloeibaar te maken. Smelten en stollen zijn termen die worden behandeld. |
| kerndoelen: |
21, 33, 34 |
| les 1 met de mond vol tanden |
Van melkgebit tot 'grote mensen tanden'. In deze les
voelen de kinderen het eigen gebit aan de tand. De bouw van tanden en kiezen wordt bekeken.
Er is aandacht voor gebitsverzorging. Voor tanden en kiezen maakt het niet zoveel verschil
of je snoep eet of een appel. Een appel bevat namelijk vruchtensuiker.Een appel is wel beter
voor het tandvlees en gezonder omdat er nuttige stoffen voor het lichaam in zitten. |
| les 2 knagen en snijden |
Een les over planteneters. Planteneters hebben lange darmen
en daarom een forse buik. Vleeseters hebben een veel korter maagdarmkanaal en dus is hun
buik slank. Opvallend is het gebit van planteneters. En wat is er te zien aan het gebit van een paard? |
| les 3 scherp als een dolk |
Vleeseters hebben een ander gebit dan planteneters.
In deze les leren de kinderen om op de verschillen te letten. Het gebit van alleseters
is nog weer anders. Sommige dieren hebben tanden met een speciale functie.
Zo hebben olifanten en walrussen forse slagtanden, die dienst doen als graafwerktuig.
Sommige slangen hebben giftanden om hun prooi te doden. |
| kerndoelen: |
29, 30, 31 |
| les 1 kale bomen |
Kale takken brengen het voorjaar in huis. Wat is er aan takken
te zien en hoe kun je de bomen eraan herkennen? Is er verschil tussen bomen en
struiken? Hoe kan het dat bomen uitlopen, nadat ze door storm zijn beschadigd
of door mensen zijn geknot? |
| les 2 snottebellen |
Veel bomen bloeien al vroeg in het voorjaar.
Ze hebben katjes en snottebellen. De bloemen worden bestoven door de wind of
vroege insecten. Na bestuiving veranderen de 'kleine bloempjes' in
hazelnoten of elzenproppen. |
| les 3 bomen om ons heen |
Bomen zijn belangrijk als voedselbron of woonplek.
Mensen maken voor allerlei doeleinden gebruik van bomen. Ook leveren ze ons hout.
De knotwilg speelt in deze les een hoofdrol. |
| kerndoelen: |
21, 30, 31, 32 |
| les 1 tatatat???????? ... |
Veel geluiden hebben een bedoeling. Zij zijn een belangrijk
middel om met elkaar te communiceren. Zonder geluid gaat dat een stuk moeilijker.
Ook dieren communiceren met geluid. |
| les 2 de juiste toon |
Geluid wordt veroorzaakt door trillingen. Niet alle
trillingen zijn gelijk. Door te variëren met trillingen, kunnen we praten en maken
we muziek. Lucht geleidt de trillingen goed, maar veel materialen doen dat beter. |
| les 3 zand in je oren? |
Mensen en dieren vangen geluid op met hun oren.
Deze les toont op eenvoudige wijze, welke reis het geluid maakt in ons oor.
Ook wordt aandacht besteed aan allerlei 'problemen' die te maken hebben met geluid,
zoals geluidshinder en een verkeerd gebruik van een walkman. |
| kerndoelen: |
21, 22, 29, 31, 33 |
| les 1 op pad |
Amfibieën leggen vaak eitjes en doen niets aan 'broedzorg'.
'Verzorgen van de jongen' staat niet in hun 'woordenboek'. Veel andere dieren leven van
hun eieren en jongen. Dank zij 'de macht van het aantal' blijven er amfibieën bestaan.
In deze les maken de kinderen op speelse wijze kennis met een voedselketen. Wie eet wie? |
| les 2 ei ... ei! |
Vogels leggen minder eieren dan amfibieën. Ze broeden de eieren
uit en zorgen voor de jongen. In deze les wordt een vogelei 'van binnen' bekeken.
Te zien is hoe een kuikentje groeit. Wat zijn nestblijvers en nestvlieders? |
| les 3 pas geboren |
Wat gebeurt er als er een kalfje
wordt geboren? Zoogdieren zogen hun jongen. Het moederdier heeft een aantal melkklieren die melk
produceren om de jongen mee te voeden. Die melkklieren gaan pas werken als het jong is geboren.
Ook mensenkinderen worden geboren en gezoogd. De les eindigt met een uitleg waarom sommige dieren
meer jongen krijgen dan andere. |
| kerndoelen: |
21, 29, 30, 31, 32, 33 |
| les 1 we staan er gekleurd op |
Kleuren spelen een belangrijke rol in het leven van mensen.
Sommigen liggen urenlang op het strand om 'bij te kleuren'. In het verkeer kunnen
kleuren van levensbelang zijn. In de reclamewereld doet men er alles aan om met kleuren
kopers te lokken. Kortom: deze les laat de kinderen zien dat kleur meer is dan alleen leuk of niet leuk. |
| les 2 zie je me wel? |
In de natuur gaat het vaak om opvallen of juist niet.
Planten en dieren gebruiken kleuren om elkaar en anderen iets te 'vertellen'.
Kleuren trekken aandacht of schrikken af. Een verdwijnpak met schutkleuren zorgt
ervoor dat dieren overleven. |
| les 3 kijk, een regenboog! |
De regenboog toont aan dat kleuren ontstaan door licht.
Licht gaat in de lucht rechtdoor, maar in water wordt het 'gebroken' en kaatst het terug op spiegelende oppervlakken.
In het duister speelt kleur geen rol. Dan is alles zwart en grijs. Totdat ... het licht aangaat. |
| kerndoelen: |
29, 30, 31, 33 |
| les 1 naar de speeltuin |
Veel aandacht voor evenwicht (een hefboom is immers een
situatie van al dan niet bewust gecreëerd niet-evenwicht). In een speeltuin vinden
we diverse toestellen waar evenwicht een rol speelt. De voorwaarden van evenwicht
worden duidelijk gemaakt met behulp van de wip! Natuurlijk besteedt u deze week
aandacht aan oefeningen met het evenwicht in de gymles. |
| les 2 sterker met ... |
In het dagelijkse leven komen we in aanraking met eenvoudige
gereedschappen, die werken volgens het hefboomprincipe. In deze les staan tevens enkele toepassingen. |
| les 3 handig - gereedschap! |
Een fietsenmaker gebruikt veel gereedschap om er kracht
mee te zetten. Dankzij dit gereedschap, dat werkt als een hefboom, kan hij veel
gemakkelijker zijn werk doen. Met het werkblad wordt gekeken naar gereedschap dat
in allerlei beroepen van pas komt. |
| les 4 heftig! |
Deze les besteedt
aandacht aan takelen en hijsen. Hoe blijft een reusachtige kraan overeind?
Verder allerlei voorbeelden uit de praktijk. |
| kerndoelen: |
19, 20 |
|
|